In de voorjaarsnota 2025 is een nieuwe eindheffing voor werkgevers geïntroduceerd. De eindheffing houdt in dat als de werkgever aan werknemers auto’s ter beschikking stelt én de auto’s nog rijden op fossiele brandstof een eindheffing is verschuldigd. Hoewel gehoopt werd dat deze eindheffing niet echt zou worden ingevoerd, is dit wel opgenomen in het Belastingplan 2026. Sterker nog, de eindheffing treedt in werking per 1 januari 2027.
Wat is een eindheffing?
Een eindheffing is een vorm van belastingheffing die voor rekening van de werkgever komt. Dat betekent dat dit een bedrag is dat niet verhaald kan worden op de werknemer. In de niet-eindheffingsgevallen houdt de werkgever de loonheffingen in en draagt dit af ‘namens’ de werknemer.
Mijn werknemers rijden een auto op fossiele brandstof, wat ben ik verschuldigd?
De kern van de maatregel is eenvoudig: wanneer een werkgever een personenauto ter beschikking stelt, betaalt hij met ingang van 1 januari 2027 een eindheffing van 12%. De grondslag waarover de heffing wordt berekend is de cataloguswaarde.
Let op! Deze heffing is een heffing die naast de bijtelling van de werknemer wordt geheven. Dus enerzijds betaalt de werknemer de bijtelling en anderzijds betaalt de werkgever een eindheffing. De grondslag voor beide heffingen is de cataloguswaarde (inclusief BPM). De werknemer blijft dus belasting betalen over het privégebruik van de auto, terwijl de werkgever daarnaast een extra fiscale last krijgt.
Wanneer is de eindheffing verschuldigd?
De eindheffing geldt voor personenauto’s die rijden op fossiele brandstof én die door de werkgever ook voor privédoeleinden aan werknemers ter beschikking worden gesteld. Voor de toepassing van de wet wordt woon-werkverkeer aangemerkt als privégebruik. Van een ‘fossiele personenauto’ is sprake wanneer uit het kentekenregister niet blijkt dat de CO₂-uitstoot 0 gram per kilometer bedraagt.
De eindheffing wordt op basis van een kalenderjaar berekend en de aangifte over het kalenderjaar wordt gedaan in het tweede loontijdvak van het daaropvolgende jaar.
Overgangsrecht: bestaande auto’s voorlopig buiten schot
De nieuwe eindheffing geldt in beginsel voor fossiele personenauto’s die vanaf 1 januari 2027 voor het eerst aan een werknemer ter beschikking worden gesteld.
Voor auto’s die al vóór 1 januari 2027 aan een werknemer ter beschikking zijn gesteld, geldt echter overgangsrecht. Op grond van artikel 39j Wet op de loonbelasting 1964 is de nieuwe eindheffing tot 17 september 2030 niet van toepassing op deze auto’s.
Dat betekent concreet het volgende:
- Een fossiele auto die vóór 1 januari 2027 voor het eerst aan een werknemer ter beschikking is gesteld, valt voorlopig buiten de eindheffing.
- Pas vanaf 17 september 2030 kan de eindheffing ook voor deze auto’s gaan gelden.
- Fossiele auto’s die vanaf 1 januari 2027 voor het eerst aan een werknemer ter beschikking worden gesteld, vallen direct onder de nieuwe eindheffing.
Het moment waarop een auto voor het eerst aan een werknemer ter beschikking wordt gesteld, is dus doorslaggevend.
Ook relevant voor de publieke sector
Binnen de publieke sector wordt steeds vaker gewerkt met deelauto’s als onderdeel van het mobiliteitsbeleid. Denk bijvoorbeeld aan gemeenten, provincies en andere overheidsorganisaties die medewerkers gebruik laten maken van een gezamenlijke pool van voertuigen.
Ook deze auto’s kunnen onder de nieuwe regeling vallen. Als een fossiele deelauto aan werknemers ter beschikking wordt gesteld, kan de eindheffing van toepassing zijn. Dat betekent dat organisaties die met deelauto’s werken er goed aan doen om te beoordelen voor welke auto’s mogelijk eindheffing is verschuldigd.
Juist daarom kan het verstandig zijn om het wagenpark vóór 1 januari 2027 goed in kaart te brengen. Op basis daarvan kunnen organisaties tijdig beoordelen welke voertuigen onder het overgangsrecht vallen en – waar mogelijk – bewuste keuzes maken voor de toekomst van het mobiliteitsbeleid.
Meer weten?
De fiscale regels rond mobiliteit veranderen snel en worden steeds complexer. In mijn training Mobiliteit – van auto tot mobiliteitsbudget ga ik uitgebreid in op onderwerpen zoals de bijtelling, de werkkostenregeling, het mobiliteitsbeleid en de nieuwe fiscale regels rond auto’s van de zaak. Deze training wordt regelmatig klassikaal gegeven, maar is ook mogelijk als inhouse training. De inhoud van de training is afgestemd op HR-afdelingen, salarisadministraties en finance teams.